Neerslag

Neerslag ontstaat wanneer de afmetingen van onderkoelde druppeltjes in wolken te groot worden, ze worden dan te zwaar en vallen naar beneden. Wolken ontstaan op hun beurt door verdamping van water op de aarde en met name de zee.

Neerslag/regenwater is met een pH van 6-7 zacht ten opzichte van drinkwater. Afgezien van natrium en sulfaationen bevat regenwater niet veel mineralen. Doordat regen de eigenschap heeft om alles wat het onderweg tegenkomt op te lossen, is regen niet geheel zuiver, maar deze vervuiling is wel eenvoudig te verwijderen.

 

Neerslaghoeveelheid

regenwaterkaart

In Nederland valt gemiddeld 880 mm regen per jaar. Dat verschilt echter sterk per regio (zie bijgaand figuur, bron: KNMI) en per seizoen. In het najaar valt er meer regen aan de kust en in het voorjaar meer landinwaarts.

In totaal regent het 8% van de tijd en bijna de helft van de dagen vallen er wel een paar druppen. In de winter regent het meestal gestaag, in de zomer vaak kort en hevig.

Jaarlijks valt er gemiddeld 135 dagen meer dan 1 mm neerslag, 25 dagen meer dan 10 mm, 11 dagen meer dan 15 mm, 5 dagen meer dan 20 mm en 1 dag meer dan 30 mm. Uit de statistieken van het KNMI blijkt dat een willekeurige plek in ons land eens in de 100 jaar binnen 24 uur een hoeveelheid krijgt van minstens 73 tot 90 mm en binnen 48 uur minstens 86 tot 105 mm. Ook voor geringere hoeveelheden is de herhalingstijd bepaald. Een willekeurige plaats in ons land krijgt gemiddeld vijf keer per jaar minstens 20 en 24 mm binnen een etmaal. Een etmaalsom van minstens 26 tot 32 mm komt ongeveer twee keer per jaar voor en eens per tien jaar valt er minstens 50 tot 62 mm op een dag. 

Valt er minimaal 25 mm in één uur dan spreken we van een wolkbreuk, valt er meer dan 50 mm op één dag dan noemen we dat een dag met zware regen.

De neerslagregimes van extreme buien verschillen per regio zoals dat op bijgaand figuur te zien is (bron: Bosatlas van het klimaat)

extreme buien

 Veranderend klimaat

Ons klimaat verandert, de gemiddelde temperatuur stijgt en de luchtstromingen veranderen. Dat heeft ook gevolgen voor de neerslag. Het KNMI heeft vier scenario’s ontwikkeld met verschillende uitkomsten, maar in het algemeen zullen de volgende veranderingen optreden:

  • De hoeveelheid neerslag zal stijgen, naar verwachting met zo’n 5% tot 2030.
  • Het aantal extreme buien neemt toe en de intensiteit daarvan ook
  • Er zal in de zomer meer verdamping optreden door de stijgende temperatuur en hoeveelheid zoninstraling

 

Afvoer regenwater

Regenwater wordt op verschillende manieren afgevoerd:

  • Het valt op de grond en wordt opgenomen door planten, gras of bomen, of wordt toegevoegd aan het grondwater
  • Het valt op daken en straten, komt in het riool terecht en wordt afgevoerd naar oppervlaktewater of een zuiveringsinstallatie

Door de sterke verstedelijking hebben we in Nederland veel verharde oppervlakten waardoor er veel regenwater niet (direct) in de grond verdwijnt.

 

Overlast regenwater

Bij hevige regenbuien kan er overlast ontstaan wanneer het regenwater niet snel genoeg afgevoerd kan worden. Er komt water op straat te staan, kolken en putten stromen over, sloten, kanalen en rivieren treden buiten hun oevers en in het slechtste geval stroomt er water in huizen en bedrijfsgebouwen.

De keerzijde van teveel water is een tekort aan water. Dat ontstaat wanneer het gedurende lange tijd droog blijft. Het gevolg is verdroging van de grond, oppervlaktewater, gewassen en beplanting.

 

Waarschuwingen KNMI

Het KNMI waarschuwt voor gevaarlijk weer door middel van weeralarmen (geel, oranje of rood). Als er meer dan 30 mm regen per uur valt en het verkeer ondervindt daar hinder van, dan geeft het KNMI een waarschuwing voor gevaarlijk weer (code geel). Verwacht het KNMI meer dan 75 mm in 24 uur voor een gebied van minimaal 50 km², dan wordt een waarschuwing voor extreem weer afgegeven (code oranje) of zelf een weeralarm (code rood). Lees alles hierover op de site van het KNMI.

 

Zorgplicht voor regenwater

Wettelijk gezien is de eigenaar van een particulier terrein verantwoordelijk voor het regenwater dat daarop valt, de gemeente is verantwoordelijk voor het openbare terrein. In de praktijk zorgt de gemeente veelal voor de afvoer van het regenwater. Zij legt van oudsher riolen, sloten en vijvers aan voor de berging en afvoer van regenwater, maar steeds vaker worden er ook aanvullende maatregelen genomen zoals open verhardingen, wadi’s en infiltratiesystemen.

Om de toenemende overlast en de stijgende kosten te beperken zullen gemeenten de zorgplicht in toenemende mate bij de eigenaar van particuliere terreinen gaan neerleggen. Bij nieuwbouw is dat al gangbaar, maar ook voor bestaande situaties zal dat vaker gaan voorkomen. Veel gemeenten verstrekken daarvoor subsidies.

 

Veranderend bewustzijn

De tijdgeest verandert ten opzichte van onze omgang met regenwater. Er ontstaat steeds meer behoefte om dankbaar gebruik te maken van deze natuurlijk waterbron. Dat is soms ingegeven door de toenemende overlast en de stijgende kosten van drinkwater en de rioolheffing, maar even zo vaak door het toenemende bewustzijn over duurzaam leven, wonen en werken en door onze hang naar zelfvoorziening.